Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to english

‘Wij willen bereiken dat wij kunnen leven zonder drempels’

Thijs de Lange winnaar AUV-alumnusprijs

Tijdens de AUV-dag op zaterdag 21 november won Thijs de Lange de AUV-alumnusprijs voor zijn project Wij Staan Op! Deze landelijke organisatie wordt gerund door jongvolwassenen met een handicap en legt zich toe op de implementatie van het VN-verdrag Handicap. Wij spraken Thijs over anderen vertegenwoordigen, Nederland inclusiever maken en studeren aan de UvA.

Hoe kijk je terug op de uitreiking van de AUV-alumnusprijs?

‘Winnen was een enorme eer. Je hoopt natuurlijk dat je de eerste prijs wint en als je die dan ook daadwerkelijk krijgt, dan maakt dat je weekend wel goed.’

Waar staat Wij Staan Op! voor?

‘Het kernteam van Wij Staan Op! bestaat uit een aantal jongvolwassenen met een handicap, die worden bijgestaan door een vierkoppig bestuur. Wij werken aan Nederland inclusiever maken. Dat doen we via het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap en door als stichting ervaringsdeskundigheid in te brengen. Bij de politiek zitten nog weinig ervaringsdeskundigen aan tafel. Ons motto is: “Niets over ons, zonder ons.” Want je kan een samenleving alleen toegankelijker maken, als je de mensen die daar over struikelen daarbij betrekt.’ 

Je was ook betrokken bij het Student Disability Platform van de UvA. Wat heb je daar geleerd?

‘Het Student Disability Platform heb ik mede opgericht en ik heb er vier jaar in gezeten. Ik vind het leuk om niet alleen te studeren maar ook geëngageerd bezig te zijn. In deze rol kon dat perfect. Ik heb aan allerlei overlegtafels gezeten en zelfs met de minister gesproken. Daarnaast deed ik ervaring op als belangenbehartiger. Ik leerde hoe ik ook anderen moet vertegenwoordigen, daar gaat het eigenlijk om. En ik heb geleerd dat je daarin voorzichtig moet zijn. Zelf zit ik niet in een rolstoel, dus hoe weet ik nu of een gebouw echt toegankelijk is? Maar doordat je datzelfde gevoel deelt, dat het niet vanzelfsprekend is dat alles voor jou goed is ingericht, kun je daar toch wel iets over zeggen.’ 

Heb je deze ervaring meegenomen naar Wij Staan Op!?

‘Bij het Student Disability Platform heb ik geleerd hoe je op een bepaalde manier  een bijdrage levert. Dat kan ik nu op een hoger niveau toepassen. Ik heb dit eerder geprobeerd door mee te doen aan de verkiezing van ‘Minister van Gehandicaptenzaken’. Die verkiezing heb ik niet gewonnen, wel kwam ik zo in contact met Wij Staan Op!. Dat deze organisatie landelijk werkt en niet alleen binnen een universiteit sprak mij aan.’
 
Wat doet Wij Staan Op! op landelijk niveau?

‘Ons eerste doel was de ratificatie van het VN-verdrag. Dat is gelukt. Ons volgende doel is dat het daadwerkelijk wordt geïmplementeerd in wet- en regelgeving en in de samenleving, bij werkgevers. Wij willen bereiken dat wij kunnen leven zonder drempels en zonder dat we de hele tijd om voorzieningen moeten vragen. Het sociaal model dat het VN-verdrag voorschrijft, is dat de omgeving zo gecreëerd is dat iedereen, ongeacht zijn of haar beperking, met zo min mogelijk aanpassingen kan functioneren. Met het Student Disability Platform zaten wij voor de bouw van de nieuwe Binnenstadscampus van de UvA al bij de architect aan tafel. Dat was fijn. Als je naar de landelijke situatie kijkt, zie je dat ervaringsdeskundigen vaak in een te laat stadium worden betrokken. Dan is er veel minder ruimte om aanpassingen te doen. Er is dus nog genoeg te doen, ook vanuit de politiek.’

Aan de AUV-alumnusprijs is een geldbedrag verbonden van 3.000 euro, dat in het winnende project moet worden gestoken. Wat ga je doen met dit bedrag?

‘Het geld moet in ieder geval helpen om de stichting verder te professionaliseren. Een hele specifieke bestemming moeten we nog vinden. 
Verder willen we vooral doorgaan op de ingeslagen weg. Zo denken we aan workshops voor werkgevers, de angst wegnemen om mensen met een handicap aan te nemen. Dat zijn vaak hele gedreven werknemers. Het thuiswerken vanwege corona maakt werk ook toegankelijker. Ik hoop dat dit een blijvende ontwikkeling is, dat je een of twee dagen per week naar kantoor gaat en verder vanuit huis werkt.’

Was je studie van invloed op je werk voor je project?

‘Ik heb Nederlandse taal en communicatie gestudeerd en Frankrijkstudies. Taal en communicatie is heel erg gericht op argumentatie en debat. Dat maakt je een gedegen gesprekspartner. Door mijn studie kan ik aan debatten bijdragen in argumentatieve zin en kan ik analyseren wat mijn gesprekspartner voor betoog houdt en daar vervolgens weer op reageren. Voordat ik aan de UvA ging studeren, heb ik auditie gedaan bij een aantal kunstopleidingen. Daarvoor ben ik afgewezen, maar achteraf is dat niet erg. De vaardigheden die je op de universiteit opdoet, en bij de studie Nederlands in het bijzonder, zijn heel breed en vormen een goede basis. Ik kan daar beter mee uit de voeten dan met een kunstopleiding. Het geeft een fundament waarop je je carrière kunt bouwen.’

Houd je je nog bezig met kunst?

‘Ik dicht nog wel, al heb ik er nu niet veel ruimte voor. Ik sta ook nog in de theaters met Simpleton, de theatergroep die ik heb opgericht. Ik doe veel dingen naast elkaar, die afwisseling vind ik leuk.’ 

Je was vorig jaar als talent aanwezig bij het Illustere Alumni Event. Heb je iets gehad aan het alumninetwerk van de UvA?

‘Tijdens het Illustere Alumni Event heb ik interessante contacten opgedaan. Ik heb daarna een dag meegelopen met een paar mensen. Zo kon ik heel bewust kijken in welke sector ik zou willen werken. Nadat ik meeliep met presentator Mariëlle Tweebeeke raakte ik sterk geïnteresseerd in de journalistiek. Inmiddels vind ik belangen behartigen heel leuk en is dat meer op de voorgrond gekomen. Maar over een half jaar kan dat weer anders zijn. Ik heb afgelopen zomer Nederlandse taal en communicatie afgerond en met Frankrijkstudies ben ik eind mei pas klaar. Ik zit nog in een soort tussenwereld van student en alumnus. De UvA heeft mij kansen en gelegenheden geboden die hebben gemaakt dat ik mij optimaal kon ontplooien. Daarvoor wil ik de universiteit bedanken.’

Wat zijn je ambities voor de komende jaren?

‘Het liefst vind ik komend jaar een baan die iets te maken heeft met belangenbehartiging, want daarin kan ik al mijn talenten kwijt. Ik heb niet de neiging om meteen een master te doen. Ik wil nu eerst aan de slag.’