Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Eddie Brummelman

Over complimenten en narcisme

Complimenten hebben, ook al zijn ze goed bedoeld, niet altijd een positieve uitwerking. Ze kunnen zelfs leiden tot narcistische trekken. Eddie Brummelman, UvA-pedagoog en -ontwikkelingspsycholoog, onder wiens redactie onlangs het boek 'Psychological Perspectives on Praise' werd gepubliceerd, vertelt wanneer complimenten wel werken en wanneer niet.

(foto: Sander Nieuwenhuys)

Wat hoop je met het boek te bereiken?
‘De hoofdvraag die we in het boek beantwoorden, is: wanneer werken complimenten wel en wanneer niet? In het boek zetten we al het empirische onderzoek naar complimenten op een rij en laten we vanuit verschillende theoretische invalshoeken zien waarom complimenten soms wel of niet werken. Ook willen we met het boek mensen helpen om zo effectief mogelijk complimenten te geven.’

Waarom doen jullie onderzoek naar complimenten?
‘Onderzoek naar complimenten is de afgelopen decennia pas op gang gekomen. Sinds de jaren vijftig bestaat er een sterke overtuiging dat complimenten een beloning zijn. Deze overtuiging gaat ervan uit dat als je wordt geprezen om iets dat je doet, je dit vaker zou gaan doen om die beloning te krijgen. Uit onze onderzoeken blijkt dat complimenten geen simpele beloning zijn, maar een complexere sociale boodschap die communiceert hoe andere mensen ons zien en wat ze van ons verwachten. En dat ze ook een schadelijke uitwerking kunnen hebben.

In de jaren zeventig kwam in Californië de self-esteem movement op gang. Die beweging ging ervan uit dat alle grote problemen in de samenleving, zoals angst, depressie, agressie, geweld, tienerzwangerschappen en onderpresteren op school, aan één onderliggende oorzaak toe waren te schrijven, namelijk lage zelfwaardering. De aanname was destijds dat als je kinderen op jonge leeftijd overspoelt met complimenten, we die lage zelfwaardering voorkomen en alle problemen in de samenleving ook verhelpen. Dat is onterecht gebleken. Zelfwaarding is wel degelijk belangrijk voor kinderen, maar complimenten zijn vaak niet de goede manier om zelfwaardering te verhogen.’

Wat voor effect hebben complimenten op de motivatie van kinderen?
‘Er is veel onderzoek gedaan naar intrinsieke en extrinsieke motivatie bij kinderen. Intrinsieke motivatie betekent dat kinderen iets doen omdat ze het leuk of interessant vinden. Soms zie je dat kinderen minder intrinsiek gemotiveerd raken als ze ergens een beloning voor krijgen. Een extrinsieke motivatie zoals een compliment kan helpen als kinderen niet gemotiveerd zijn of iets moeilijks aan het leren zijn, maar als kinderen al intrinsiek gemotiveerd zijn, zijn er minder complimenten nodig.

In een onderzoek van Stanford uit de jaren ’70  werd kinderen verteld dat ze gingen tekenen. Daarna werden ze onderverdeeld in drie groepen: één groep werd vooraf verteld dat ze een beloning zouden krijgen voor hun tekening, de andere groep kreeg de beloning achteraf zonder dat dat vooraf was aangekondigd, en de derde groep kreeg geen beloning. Voor de eerste groep was de beloning dus verwacht, en voor de twee groep was deze onverwacht. De dagen erna werden de kinderen geobserveerd en de kinderen die een verwachte beloning kregen, waren intrinsiek minder gemotiveerd om weer te gaan tekenen. Zij vroegen zich af: waarom doe ik dit?, omdat ik er een beloning mee kan krijgen? Dat wordt het overjustification effect genoemd: je probeert altijd je eigen gedrag te verklaren en een beloning kan er soms onbedoeld voor zorgen dat je gedrag toeschrijft aan externe factoren in plaats van aan je eigen interesse en gedrevenheid.’

We zien dat het effect van complimenten afhangt van hoe en waarvoor je ze geeft

Wat zijn de mogelijke gevolgen van complimenten geven?
‘We zien dat het effect van complimenten afhangt van hoe en waarvoor je ze geeft. Uit ons onderzoek blijkt dat als kinderen ontevreden zijn met zichzelf, ouders geneigd zijn om complimenten te geven die opgeblazen zijn. In plaats van te zeggen: ‘Wat heb je een mooie tekening gemaakt, wat heb je dat goed gedaan’, zeggen ouders vaak: ‘Wat heb je een óngelofelijk mooie tekening gemaakt, dat heb je fantastisch gedaan.’ Dat is goed bedoeld, omdat ouders de zelfwaardering van deze kinderen proberen op te krikken, maar wat ons onderzoek laat zien is dat deze opgeblazen complimenten ook een druk opleggen om fantastisch te blijven presteren. Dan zie je dat het compliment onbedoeld een verwachting uitspreekt, waardoor kinderen zich onder druk gezet kunnen voelen en soms lage zelfwaardering of zelfs narcistische trekken kunnen ontwikkelen.’

Wat is het effect van narcistische trekken op iemands leven?
‘Het leven van een narcistisch persoon is kwetsbaar, hij of zij heeft een opgeblazen zelfbeeld en is constant op zoek naar externe validatie. Als die bevestiging wegvalt, stort het zelfbeeld in. Dat zie je ook bij narcistische kinderen: als ze kritiek krijgen of falen, dan ontstaat er snel een gevoel van schaamte en dat vertaalt zich vaak in boosheid en agressie. En het vergroot de kans op angst, depressie en gedragsstoornissen.’

Hoe krijg je grip op narcisme?
‘Narcisme is een persoonlijkheidstrek die we allemaal in bepaalde mate hebben. Narcisme als persoonlijkheidsstoornis komt bij 1 tot 7 procent van de mensen ooit in zijn/haar leven voor. Uit onderzoek blijkt dat bij de helft van de mensen die gediagnosticeerd waren met narcisme, het na drie jaar weer verdwenen was, zonder behandeling. Een van de belangrijke voorspellers daarin was of de persoon in de tussentijd een intieme relatie, dat kan ook een vriendschappelijke relatie zijn, was aangegaan waarin sprake was van wederkerigheid en gelijkwaardigheid. In zo’n relatie hoef je geen competitie aan te gaan en hoef je niet voortdurend te bewijzen hoe speciaal je bent. Daar zijn narcistische mensen namelijk vaak mee bezig.’

Waarop moet je letten als je kinderen een compliment geeft?
‘Als je complimenten geeft aan kinderen moet je twee dingen in gedachten houden. Je wilt dat het compliment niet opgeblazen is en dat het authentiek overkomt, zodat zij het compliment niet makkelijk naast zich neer kunnen leggen. Nu is het bij kinderen zo dat zij geneigd zijn complimenten te geloven, omdat ze die meestal krijgen van ouders en leerkrachten en zij in hun ogen autoriteit hebben.

Daarnaast is het belangrijk dat het compliment gericht is op gedrag, niet op de persoon zelf. Dus dat je, als een kind een hoog cijfer haalt op school, niet zegt: ‘Wat ben je toch een slimmerik’, maar bijvoorbeeld: ‘Hier heb je goed je best voor gedaan.’ Dan leg je de nadruk op gedrag dat ten grondslag ligt aan het presteren en niet op onderliggende persoonlijkheidstrekken waarop kinderen geen invloed hebben. Als je aan kinderen vertelt dat ze slim zijn als ze iets goed gedaan hebben, dan trekken kinderen uit zichzelf de conclusie: dan ben ik helemaal niet zo slim als ik iets níet goed doe. Kinderen zijn dan eerder bereid om vals te spelen of af te kijken om goed te blijven presteren. Als ze dan toch falen, zullen ze heel snel opgeven en concluderen: ik kan het niet, ik ben niet slim genoeg. Terwijl als je kinderen prijst om hun inzet, je juist ziet dat zij denken: dit keer ging het niet goed, maar misschien moet ik de volgende keer gewoon wat harder werken en de taak anders aanpakken. Ze zullen dan eerder uitdagingen aangaan en doorzetten wanneer het tegenzit.’

Wat is het verschil tussen complimenten geven aan kinderen en volwassenen?
‘Volwassenen zijn eerder geneigd om complimenten naast zich neer te leggen. Dan gaat het met name om volwassenen die niet zo’n positief zelfbeeld hebben. Stel je voor dat je denkt dat je ergens niet goed in bent en iemand geeft je een compliment, dan denk je: dat zeg je wel, maar dat geloof ik niet. Dan herinnert een compliment mensen zich aan het tegendeel, omdat het ver afstaat van hoe mensen denken over zichzelf. Wat je dan het best kunt doen, is een compliment zo formuleren dat mensen het niet kunnen ontkennen. Als iemand bijvoorbeeld denkt dat hij of zij niet goed piano kan spelen, dan kun je zeggen: ‘Ik heb enorm genoten van je muziek.’ Dat is geen evaluatie van zijn of haar prestatie, maar een weergave van je eigen ervaring, en die kan niemand in twijfel trekken.’

Tot slot: waar komt je interesse in het onderwerp vandaan?
‘Ik ben opgegroeid in het oosten van Nederland en daar zijn complimenten schaars. Maar ik ben ook een millennial en daardoor opgegroeid in een context waarin het geven van complimenteren erg werd aangemoedigd. Ik voelde een soort spanning: hoe zit het nu precies, zijn complimenten nu wel of niet goed? Daarnaast zie je dat narcistische trekken bij kinderen de afgelopen decennia zijn toegenomen en ik begon me af te vragen of de neiging tot complimenteren misschien heeft geleid tot een soort kwetsbaarheid bij kinderen. En dit blijkt dus zo te zijn.’